Bloesems Frankrijk

Het verhaal van Zon – het begin

Heel lang geleden, toen de zon nog jong was en nog over de aarde wandelde om veel te leren en wijzer te worden, was er een land dat nog bijna helemaal braak lag.
Waar je ook keek, niets dan ongerept land zag je. Hier en daar een boompje, een watertje met vogels, maar géén huizen.

Bij dat land kwam de zon op zekere dag aangelopen.
Zij keek en keek en keek over dat wijde, wijde land, vol onbegrensde mogelijkheden en liep het land binnen.
Toen zij een tijd gelopen had, het kan kort en het kan lang geduurd hebben, kwam zij bij een eenzaam hutje waar een paar mensen hard aan het werk waren. Ze konden de hulp van Zon goed gebruiken en heetten haar hartelijk welkom.
Ze zouden in ieder geval goed voor haar zorgen.
Iedere dag werd er hard gewerkt, maar er was ook lekker te eten en genoeg te drinken. Er was zelfs tijd om feest te vieren en na te denken.
En er werd gewerkt én gewerkt én gewerkt, maar er werd ook steeds weer plezier gemaakt.
Soms was er een conflict en ook verdriet, maar steeds kwam alles weer goed.

“Oh, wat kon Zon hier veel leren.”

En zij leerde en leerde steeds meer en zij werd steeds handiger en voelde zich er ook al echt thuis.
Langzaamaan werd het land echt bewoond, er kwamen steeds meer huizen.
En er kwamen steeds meer mensen. Soms gingen er weer een paar weg, maar altijd kwamen weer nieuwe mensen helpen en doen. Het leek wel één grote familie.

Het land werd steeds mooier en het leven was goed….

En toch en toch en toch merkte Zon op een dag dat zij verdrietig en verdrietiger en steeds verdrietiger werd. Het ging niet meer over. wat was er toch aan de hand?
Het werk werd gedaan, er was tijd voor rust én om te feesten.
Er was tijd voor ontmoetingen en voor gesprek.
En toch en toch en toch…
Het leek wel of, of …, of …
het werk, de hulp van Zon niet meer nodig waren.
En stilaan werd Zon onrustig en tenslotte kribbig en nog verdrietiger.

“Hier kon zij niets meer leren en niets meer betekenen!”

Maar het was hier zo fijn. En gezellig.
En zij was nog zo jong. En de wereld was zo groot. En ze was toch nog niet uitgeleerd?
En de mensen dan? En de goede gesprekken? En het leuke werk?
Maar ík dan? en de wéreld?

Maar, maar, maar, maaaarrrr…?

Gelukkig! Daar daalde uit de grote , wijde, heldere blauwe hemel een kleine witte vogel op de schouder van Zon.
Vogel pikte Zon eens in haar oor, trok eens aan haar haren en fluisterde iets in Zon haar oor.

En nog een keer en nog iets en nog een keer en nog iets.

Zon keek om haar heen, wiebelde van haar ene been op haar andere. Deed een stap voorwaarts en toen weer terug.
Maar tenslotte ging Zon weg, op weg,  echt weg.
Eerst langzaam, met kleine pasjes en oh zo verdrietig.
En als zij zich omdraaide en omkeek wilde zij weer teruglopen.
Maar Vogel hield vol en hielp op weg. Groter, steeds groter werden de stappen over het land en om het land  en groter, steeds groter de kringen…

Kijk, dáár gaat ze: steeds verder op weg, steeds wijder worden de cirkels. De zon tegemoet.

Zon - schilderij - copyright Irka Stachiw

Zon – schilderij – copyright Irka Stachiw

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

0 reacties

Plaats een Reactie

Ik ben benieuwd naar jouw ervaringen in het landschap van de ziel.

Jouw e-mailadres zal niet gepubliceerd worden en de vereiste velden om jouw reactie te kunnen beantwoorden zijn gemarkeerd met *.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *